De kleinzoon van Cobi is paranormaal begaafd.

“Ik vertel het niet aan iedereen, straks denken ze nog dat er bij ons een steekje los zit.”

Vanaf zijn geboorte huilde Juul (nu 4) ’s nachts aan een stuk door. Een nacht per week sliep hij zelfs bij zijn oma Cobi van Berkel (54), omdat zijn ouders doodmoe waren. Ten einde raad klopten ze aan bij een contextuoloog. Zij constateerde dat Juul paranormaal begaafd is. Vanaf dat moment werd alles anders.

Juul, het derde kleinkind van Cobi, werd op vijf december geboren. “Een Sinterklaascadeautje,” zegt ze zelf.  Overdag was Juul een vrolijk kind, maar ’s avonds zette hij het hele huis op stelten. “Huilen, krijsen, schreeuwen. Het was echt vreselijk om mee te maken,” vertelt Cobi. “Hij leek wel in paniek, was vreselijk angstig. We hadden geen idee wat er met hem aan de hand was.” Juul werd in het ziekenhuis onderzocht. Hij kreeg medicijnen om rustig te worden, maar die hielpen helaas niet. Cobi: “In het volgende ziekenhuis zeiden ze tegen mijn dochter dat ze maar wat harder tegen hem moesten worden. Hij mankeerde namelijk niets. Maar volgens ons was er echt iets met hem aan de hand, hij was echt niet voor de lol iedere nacht zo overstuur.”

Helemaal gaar
De hele familie zocht in hun omgeving en op internet naar een oplossing. “Omdat er geen medische hulp geboden kon worden, zochten we het vooral in het alternatieve circuit. Er is van alles geprobeerd, tot aan het laten stilleggen van aardstralen onder hun huis aan toe,” verzucht Cobi. “Niets hielp.” Juul sliep elke week minstens één nacht bij Cobi en haar man en minstens één bij zijn andere opa en oma. “Mijn dochter en schoonzoon en Juuls zusje Bibi waren helemaal gaar. Dit was de enige manier waarop we ze een beetje konden helpen. Juul sliep bij ons wel, maar alleen als hij bovenop mij lag. Hij hield me heel stevig vast, zo bang was hij.” Toen Juul net twee jaar was geworden, schrok hij met de jaarwisseling enorm van het vuurwerk. Het gevolg was dat hij niet meer in zijn eigen kamer wil slapen. Cobi: “Als zijn ouders hem naar bed wilden brengen, klampte hij zich overal aan vast. Zijn bed kregen ze hem niet meer in.” Juuls ouders bezochten nogmaals het ziekenhuis. De kinderarts kon weer niets vinden en verwees Juul door naar de kinderpsycholoog. Zijn ouders geloofden daar niet zo in, Juul was immers nog veel te klein om te kunnen vertellen wat er was. De kinderarts verzekerde hen dat het op een dag over zou zijn. Cobi: “Daar konden ze op dat moment niet zo veel mee.”

Nu is het hier fijn
Op een dag las Cobi’s dochter in een tijdschrift een column van een contextuoloog, Bénazir. Een contextuoloog is iemand die een casus vanuit diverse invalshoeken benadert: psychologie, pedagogie en parapsychologie. “Ze beschreef een situatie waarin ze een kind dat ’s nachts veel huilde had geholpen,” vertelt Cobi. “Dat kind bleek paranormaal begaafd te zijn. Mijn dochter herkende Juul in dat verhaal. Ze heeft meteen een mail gestuurd. Terwijl ze eigenlijk niet zo gelooft in het paranormale. Maar ze was wanhopig en dan grijp je alles aan.” Bénazir vroeg om een foto van Juul en concludeerde dat hij paranormaal begaafd is. Hij ziet entiteiten, ofwel geesten van de overledenen (zie kader). Dat kunnen goede zijn, maar ook slechte. “De slechte maken hem het leven zuur,” weet Cobi. “Maar tussen de goede zitten ook mensen uit onze omgeving, zoals mijn overleden vriendin. Die mensen helpen hem juist.” Bénazir kwam al vrij snel een dag bij het gezin langs. Ze reinigde het huis met een ritueel (zie kader). Daardoor zou Juul minder last moeten hebben van de slechte geesten. Juul wist niets af van de acties van Bénazir. Cobi: “Hij was samen met zijn zusje bij mij. Ineens raakte hij zonder dat er een aanleiding voor was erg overstuur. Hij was niet te kalmeren. Ik heb hem op schoot genomen, het heeft wel een kwartier geduurd. Achteraf hoorde ik dat Bénazir op dit tijdstip was aangekomen bij het huis van Juul.” Cobi’s schoonzoon haalde de kinderen op toen Bénazir al klaar was. “Maar ze was er nog wel. Juul kwam binnen en hij zei haar vrolijk gedag alsof hij haar al kende. Terwijl hij altijd erg terughoudend was bij vreemden. ‘Zullen we even naar je kamer gaan?’ vroeg ze. Normaal gesproken zou hij zich met hand en tand daartegen hebben verzet, maar hij liep gewoon met haar mee naar boven. Hij stapte zijn kamer binnen en zei: ‘Nu is het hier fijn.’ En daarmee was de kous af. Onvoorstelbaar. En je gelooft het niet, maar die avond ging hij zonder toestanden in zijn eigen bed slapen. De volgende ochtend belde mijn dochter ons op. Juul had de hele nacht doorgeslapen. Dat was in tweeënhalf jaar nog nooit gebeurd. Uitgelaten van blijdschap waren we.”

Ineens zo vrolijk
Cobi:”Sinds die dag is zijn ontwikkeling met sprongen vooruitgegaan. Bepaalde dingen waar hij vrij laat mee was, gebeurde ineens. Hij is goed gaan praten, zindelijk geworden. Waarschijnlijk raakte hij zoveel energie kwijt door zijn slapeloze nachten, dat het zijn ontwikkeling vertraagde. Overdag is hij ook veel opgeruimder, veel vrolijker. Mensen die hem al vanaf zijn geboorte kennen, vragen hoe het komt dat hij ineens zo vrolijk is. Ik vertel het niet aan iedereen, straks denken ze nog dat er bij ons een steekje los zit.” Als Juul nu komt logeren is dat nu echt leuk voor Cobi en haar man, in plaats van een uitputtingsslag. “Vroeger deden we het alleen om zijn ouders te ontlasten, nu doen we het voor ons eigen plezier. Hij gaat heel blij naar bed. We kunnen hem knuffelen, hem een boekje voorlezen. En dan slaapt hij lekker de hele nacht door in zijn eigen bed.” Cobi is erg dankbaar dat Juul zo goed geholpen is. “Dat er mensen zijn als Bénazir, daar ben ik zo blij mee. Ik was er erg verdrietig van dat hij zo bang was en niet lekker in zijn vel zat. Bovendien bleef ik vrezen dat er toch iets heel ergs met hem was..”

Meer tussen hemel en aarde
Nu Juul groter wordt, begint hij ook te praten over wat hij ziet. Cobi: “Soms zegt hij: ‘Daar is een opa’ of ‘Daar is een mevrouw’. Het komt ook voor dat hij ergens weg wil. ‘Zullen we gaan?’ zegt hij dan alleen maar. Pas als we weer buiten staan, zegt hij dat hij iets heeft gezien. Hier in het dorp is een supermarkt waar vroeger een kerk stond. Dat vindt hij geen fijne winkel. Als we daar zijn, komt hij van alles tegen. Ook kan hij negatief reageren op andere mensen. ‘Die oma is niet lief,’ zegt hij dan bijvoorbeeld. Dan voelt hij kennelijk iets wat niet goed is. Maar hij voelt het bijvoorbeeld ook aan als mijn man – die diabetes heeft – zich niet goed voelt. Dan kruipt hij zo maar tegen hem aan.” Ze vervolgt: “Bénazir heeft van hem ‘doorgekregen’ wie er bij hem zijn en zo weet ik dus dat mijn overleden vriendin vaak bij hem is. En een meneer uit het dorp die we goed kenden. Ik vind dat een fijn idee.” Cobi en haar man hebben zich verdiept in het paranormale, onder andere door de website en boeken van Bénazir te lezen. ”Ik heb altijd wel gedacht dat er meer was tussen hemel en aarde, maar niet dat ik er op deze manier mee te maken zou krijgen. Hoe ouder hij wordt, hoe beter hij het zal kunnen verwoorden. Kinderen kunnen er ook overheen groeien, maar volgens Bénazir blijft dit bij hem. Hoe zijn gave zich verder ontwikkelt en wat hij er op latere leeftijd mee zal doen, is voor iedereen nog een verrassing.” Cobi is in ieder geval opgelucht dat het zo goed is afgelopen. “Hij is niet alleen bevrijd, zelf ben ik dat ook.”

Wat doet Bénazir?
Bénazir: “Als contextuoloog op onder andere paranormaal gebied krijg ik veel vragen die te maken hebben met kinderen. Ouders weten vaak niet wanneer het onzichtbare vriendje van het kind een denkbeeldig vriendje is, of dat er sprake is van een paranormale ervaring. Door mijn ruime ervaring, zowel op psychisch als fysisch paranormaal gebied, ben ik in staat om te kunnen analyseren  of er sprake is van paranormaliteit of dat het probleem op een ander vlak gezocht moet worden. Met behulp van de foto van Juul die zijn ouders me stuurden, kon ik via zijn onderbewustzijn contact met hem krijgen. Dat heet telepathisch communiceren. Ieder mens heeft die capaciteit in zich, maar de meeste mensen hebben het niet ontwikkeld. Door telepathisch contact krijg ik inzicht in de denkwereld van een kind. Ik kijk even mee wat er in het koppie van het kind omgaat. Ik heb hem op deze manier gevraagd waarom hij zo slecht sliep. Toen liet hij me zien dat hij entiteiten zag. Een kind dat paranormaal begaafd is, neemt waar wat andere mensen niet kunnen waarnemen. Zoals goede (witte) en slechte (zwarte) entiteiten. Als ik aan de buitenkant van een huis sta, zie ik al welke zwarte entiteiten er in dat huis zitten. Er zijn twee typen zwarte entiteiten: dolers en wezens die nooit op aarde hebben geleefd. De dolers zijn mensen die geen vrede hebben met hun dood of nog niet eens beseffen dat ze dood zijn. De wezens zijn agressief. Ze dragen bijvoorbeeld zwarte kappen of messen. Dat kan natuurlijk heel beangstigend zijn voor een kind. Zwarte entiteiten kunnen een kind ook aanvallen, waardoor het kind onverklaarbare fysieke klachten krijgt, zoals vermoeidheid, buikpijn of hoofdpijn. Het ritueel dat ik toepas om het huis te vrijwaren van zwarte entiteiten verschilt per huis en wat erin zit. Het resultaat is in ieder geval dat het paranormaal begaafde kind ze niet meer kan zien. Daarnaast zorg ik ervoor dat ze niet terug kunnen komen. Ik heb de ouders van Juul en hemzelf een techniek geleerd waardoor zijn onderbewustzijn een seintje krijgt. Hij kan zich dan afsluiten voor de zwarte entiteiten die hij op andere plekken tegenkomt. Ik noem het een aan/uit-knopje. Paranormale begaafdheid bij kinderen kan voor onverklaarbare problemen zorgen. “Jaarlijks  kan ik rond de 700 kinderen helpen met slaapproblemen, woede-aanvallen, angsten, onverklaarbare buik- en hoofdpijnen.”

Verschenen in het maandblad OOK

Deel je mee, je kunt een andere ouder er misschien mee helpen.