Column 6: Stopt mijn leven na dit leven ?

 

 

Francien:

Waar zal ik beginnen….ik heb geen idee of ik hiermee ook bij jou  terecht kan, maar ik ben al een tijdje op zoek en weet niet zo goed hoe ik het aan moet pakken en waar ik moet beginnen. Mijn vriendin Anne van 36 jaar oud, is terminaal. Ze heeft een zoon Lars van twee jaar en moet straks afscheid van hem nemen. Ze vraagt zich af of ze Lars nog kan volgen als ze ergens anders is. Maar ook of ze opgewacht wordt door haar moeder die ruim 6 jaar geleden overleden is.

 

Anne is  niet in staat om naar mij te komen, maar van mijn thuisfront krijg ik alle medewerking om naar Groningen te kunnen gaan om haar vragen te beantwoorden. Dus nu zijn we bezig aan een trip van drie uur richting Anne. Francien doet open en in de woonkamer ligt Anne op de bank te wachten. Ze is erg overdonderd en heeft even tijd nodig om het te verwerken. Ondertussen zie ik dat er al een entiteit zit te wachten en als ik de foto van haar moeder krijg, weet ik wie de entiteit is. Anne en Francien zijn nuchtere Groningers die het even over zich heen laten komen. Anne is helemaal op en communiceren gaat moeilijk. Ze kan niet verwoorden wat ze denkt en dat frustreert haar. Het is een warme, intelligente vrouw met een groot hart. De liefde die ze heeft voor haar naasten is zo groot, dat het me enorm ontroert. Francien is de steun en toeverlaat van Anne en de warmte die ze uitstralen naar elkaar toe, is iets wat ik zelden gezien heb. Deze twee zijn echte maatjes en ik weet dat dit na de dood van Anne niet zal ophouden.

Als ik contact maak met het onderbewustzijn van Anne ben ik even geschokt van hetgeen ze mij laat zien. Ze heeft al jaren haar emoties geblokkeerd en zelfs toen de diagnose werd gesteld dat ze niet zo lang meer te leven had, kon ze niet eens boos worden erom. Toch voel ik in haar lichaam een enorme woede, maar die wordt nu gebruikt om te kunnen overleven. Woede is een krachtige emotie en kan je werkelijk op de been houden. Bij Anne is dit zeker het geval. In haar hoofd en lichaam voel ik de uitzaaiingen en dat raakt me enorm. Ik weet dat ik geen dag te vroeg ben gekomen, en de geur die er om Anne heen hangt zegt genoeg. Het is een doordringende geur die terminale mensen tijdens de laatste fase van hun leven om zich heen hebben. Ondanks haar ziekte maakt Anne grapjes en is allesbehalve zielig. Ik heb een enorme bewondering voor haar.

Ik wil haar laten voelen dat het leven niet stopt en dat haar moeder bij haar is, maar helaas kan Anne het niet voelen. Ik krijg een ingeving: misschien kan ik het via Francien proberen. En ja hoor, Francien krijgt contact met de moeder van Anne. Hardop stelt Francien de vragen die Anne wil weten. Geëmotioneerd kijkt Anne toe hoe de vragen beantwoord worden. Ze krijgt dan wel zelf geen contact met haar moeder, maar ze heeft een blindelings vertrouwen in haar vriendin. Aan de emotionele reactie van Francien is duidelijk te zien dat ze contact heeft met de moeder van Anne. Als we weer even aan het bijkomen zijn van het wonderlijke moment, komt plotseling Corry,de zus van Anne langs. Ook zij krijgt het nodige voor haar kiezen: eerst verliest ze haar moeder en het zal niet lang meer duren of ook haar zus Anne zal aan deze zelfde ziekte sterven. Corry, een kordate Groningse die niet snel haar gevoelens toont, is één en al oor over de ontmoeting met haar moeder. Ik weet dat Corry maar al te graag haar moeder zou willen voelen en vraag of ze dat wil. Ze is even stil en knikt dan ontroerd  met haar hoofd. Als Corry contact heeft  gehad met haar moeder en het vertelt aan Anne, zie je een rust over Anne heen komen. Nu weet ze dat haar moeder haar zeker op zal wachten. Maar ook dat zij er altijd zal kunnen zijn voor Lars en haar man. Ze zal dan vanaf de andere zijde haar zoontje blijven volgen en hem misschien wel op de één of andere manier laten weten dat haar liefde grenzeloos is. Na een lange dag rijden we weer richting huis. Mijn man en ik kijken tevreden terug op de mooie dag die Anne, Francien en Corry ons gegeven hebben. Een paar dagen later krijg ik van Francien een telefoontje dat Anne in het ziekenhuis ligt en hard achteruit gaat. Dankbaar ben ik, dat ik zo’n mooie, maar vooral dappere vrouw heb ontmoet. Ik weet dat ik haar weer zal ontmoeten vanaf de andere wereld.